Zesjes cultuur

Vandaag de film The accountant gekeken. Op zich een vermakelijke film met vooral een goed verhaal en zeker ook een goed moraal. De verschillende inzichten in het omgaan met mensen met een beperking spraken mij erg aan. Niet alleen werkt mijn vrouw met mensen met een beperking maar vind ik ook, dat dit zich doortrekt in de rest van de samenleving. Vanuit het perspectief van waaruit wij (lees: instanties, regering en de meerderheid van de burgers (waarschijnlijk onder invloed van de propaganda hieromtrent)) tegenwoordig denken en handelen, creëren we een zesjes cultuur. Dit past indirect prima samen met het alsmaar positief benaderen van (probleem) kinderen, zie mijn vorige post Triple P.

Een hoop gelul, maar wat is die boodschap nou?, hoor ik je vragen. Er word een tegenstelling gecreëerd in de film, aan de ene kant zie je een verhaal waarin een kind met autisme buiten proportie gestraft en gedrild wordt (ook een kind zonder autisme overigens). In de ogen van de zeer strenge vader is dat de enige manier om te laten zien dat hij (het kind) gewoon in de maatschappij past en maar moet leren zijn beperkingen de baas te zijn. Aan de andere kant laten ze het beeld zien van kinderen met een beperking die geplaatst worden in een prikkelvrije omgeving (In sommigen gevallen vind ik dit zeker ook goed, vooral bij mensen met een zeer ernstige beperking). Ze geven het kind in principe zijn zin en zorgen dat hem datgene wat hij doet ook lukt. Ze stellen een heel laagdrempelig doel waarvan zeker is dat hij deze kan halen. Dit is de vorm die momenteel in de gehandicaptenzorg in Nederland gebruikt wordt. Haalt iemand de doelstelling niet gaat hij achteruit, haalt hij het doel wel is hij niet achteruit gegaan. Een zesje dus. Doordat een persoon steeds het doel haalt blijft men positief. Ik ben echter van mening dat er niks positiefs aan is. Als men bij wijze van spreken eerst 100 meter moet lopen en daarna 101 meter wat is dan de vooruitgang? Waar is dan de uitdaging voor die persoon? Wellicht klink ik nu een beetje ouderwets (terwijl ik toch pas 30 ben) maar waarom niet godverdomme je stinkende best doen en alles eruit halen en voor die 150meter gaan. Haal je er de eerste week 120, doe je nog harder je best om wel naar dat doel te komen. Dan heb je wel wat bereikt. Het erge aan de eerste situatie is, is dat als die persoon de 100 meter een keer niet haalt hij “achteruit” gegaan is. Met andere woorden, je haalt de 101 meter dan heb je nauwelijks progressie geboekt maar je wordt wel gecomplimenteerd dus je voelt je er goed bij. Haal je het een keer niet, ga je achteruit maar er wordt wel een schouderklopje gegeven dat je goed je best hebt gedaan. Ondanks dat alles positiviteit uitstraalt is het uiteindelijk allemaal NEGATIEF! Je boekt geen/nauwelijks vooruitgang en kunt het dus eigenlijk alleen maar slechter doen. Dat ze je echter alleen als je naar het grote plaatje kijkt.

Als je dan kijkt hoe dit zich doortrekt naar de “normale” mensen zie je ditzelfde gebeuren. Scholen vinden het prima als kinderen het oké doen. Een 6 is prima, niks mee. Je bent middelmatig houden zo jongen! Kinderen worden niet meer uitgedaagd. Erger nog is het nieuwe leren. Als je het slecht doet bij een bepaald vak mag je dat een niveau lager doen. Nee daar leer je wat van! In plaats van met het kind en ouders te kijken hoe ze kunnen helpen en er na schooltijd samen meer tijd in te steken door extra opdrachten of bijles, wordt er gezegd, doe het maar een niveautje lager want dan haal je wel die 6. Te belachelijk voor woorden. Kanttekening hieraan is dat het andersom ook geld en ik daar wel zeer over te spreken ben. Haalt het kind constant een 10, mag hij dat vak een niveau hoger doen waardoor het kind meer uitgedaagd wordt. Toch nog iemand zijn verstand gebruikt in Den Haag.

Ik denk ook dat er veel mensen door deze “opvoeding” moeite hebben met het houden van banen. Door de vele flexwerkers en geringe aantal vaste contracten die gegeven worden, zijn deze contracten enkel besteed aan de beste werknemers. Jongeren moeten nu dus opeens van een 6jes cultuur naar een cultuur waar verlangd wordt dat je haast perfect bent. Een cultuur waar je je niet om iedere poep of scheet ziek of af kunt melden en je je stinkende best moet doen. Daar komt bij dat je baas je geen schouderklopje geeft als je gewoon je werk hebt gedaan en je zesje hebt gehaald. Dat zorgt voor veel onrust, veel teleurstellingen waar mensen niet meer mee om kunnen gaan en dus ook veel depressies en veel overspannen werknemers. De werkdruk is te hoog zeggen ze dan. Leg die druk dan maar eens uit aan mensen die in de mijnen of in concentratiekampen gewerkt hebben. Die hadden pas werkdruk. Wij zijn gewoon opgevoed om het niet meer dan oké te doen.

Tot slot mogen we hier op dat gebied een voorbeeld nemen aan de Amerikanen. Daar hebben ze een echte winnaars cultuur gecreëerd (Zal vast ook per staat schelen, maar over het algemeen klopt het). Jongeren gaan tot het uiterste om hun doelen te bereiken. Zei het met sport of met school. Kinderen dagen elkaar dan ook uit het beter te doen waardoor ze elkaar naar een hoger niveau tillen. Lang genoeg geluld, tijd voor een wijntje en dan de wedstrijd van morgen voorbereiden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *